Door Abdulwahid van Bommel
Duurzaamheid is een uitgebreider begrip dan milieu of ecologie. Het gaat hierbij om een combinatie van minstens drie elementen. Namelijk ons ecologische, economische en sociale leven.
Wat zijn belangrijke sleutelwoorden als het voor moslims over het milieu gaat?
Al-Mizân, de weegschaal, de balans. Voor het aanzetten tot denken over het handhaven van het (ecologisch) evenwicht, wijst de koran op welsprekende wijze op het begrip Mizân. Het begrip Mizân wordt hier duidelijk gebruikt als een van nature aanwezig goddelijk evenwicht in de natuur en heeft niet veel theoretische uitleg nodig.
De Barmhartige heeft de koran onderwezen, heeft de mens geschapen en heeft hem de uitleg ervan geleerd. De zon en de maan doorlopen hun banen volgens plan. En planten en bomen aanbidden Hem. Hij heeft de hemel er hoog boven verheven en een evenwicht bepaald. Opdat u dat evenwicht (Mizân) niet zou verstoren. Hij houdt de weegschaal (naar) recht en doet aan de maat niet te kort. Hij betracht het volkomen evenwicht (al-Mizân)! (55:1-9)
Isrâf, verspilling en verkwisting. verspilling is uit den boze: water, brood en ander voedsel mag niet worden verspild. De koran zegt hierover: “O kinderen van Adam, let op uw uiterlijk voor de eredienst en eet en drinkt maar verkwist niet.” (7:31). “Geef de verwanten, de armen en reizigers wat hen toekomt, maar verkwist niet.” (17:26). De islam adviseert de gulden middenweg: “Houdt uw hand niet op uw zak en open hem niet al te wijd.” (17:29) en: “De dienaren van de Barmhartige zijn zij die als zij iets besteden, spilzuchtig noch vrekkig zijn…” (25:63-67). De profeet Mohammed heeft gezegd dat een maaltijd voor twee ook genoeg is voor drie en een maaltijd voor drie ook genoeg is voor vier. De islam legt daarnaast nogal de nadruk op zuiverheid en reinheid, maar dringt aan op zuinig zijn met water. Moslim wassen zichzelf wel voor de gebeden, maar gebruiken dan zo min mogelijk water. Het streven naar ecologisch evenwicht en streven naar rechtvaardige verdeling moet nog veel meer vanuit de koran worden gestimuleerd.
Veel moslims zijn goede automonteurs en doen in wezen veel aan recycling. Dat wil zeggen dat ze veel onderdelen bij de sloop weghalen en zelf in hun auto zetten. Hier in Nederland worden moslims met andere milieu uitdagingen geconfronteerd dan in hun land van herkomst, waar je het dorp nog als geheel ecologisch zou kunnen beschouwen: zuinig met water, weinig afval, etc. Een deel van de problemen met zorg voor het milieu heeft bij moslims met een nog korte – 40-jarige – geschiedenis in Nederland te maken en het gegeven dat men zich op veel gebieden nog steeds migrant weet.
Chaliefa, alternatief voor rentmeesterschap: verantwoordelijkheid voor aarde, rekening houden met toekomstige generaties. “Allah gebiedt rechtvaardigheid, weldoen aan anderen en sociale verbondenheid; en verbiedt onzedelijkheid, het kwaad en rebellie. Hij geeft u dit advies opdat u er van moge leren.” (16:90)
De islam legt sterk de nadruk op de geloofspraktijk. Doen staat centraal, verbonden met het onzienbare. Dat is ook de rechtvaardigheidsnorm. De mens is eerder geneigd vanuit belangen te denken en te handelen dan vanuit de rechtvaardigheidsgedachte. Toch staat dat heel centraal in de islam. Het hierboven aangehaalde vers dat over de hele wereld elke vrijdag in de preek wordt gereciteerd, gaat erover. Er zijn 3 stadia van rechtvaardigheid:
1. Adl. De adil is de rechtvaardige. Rechtvaardigheid vertaald naar de mens: voor wat hoort wat .Hierbij kan ook horen dat je wel iets kunt terugverlangen in ruil voor wat je zelf doet. Wanneer je iets goed doet voor het milieu, water, elementen, krijg je er iets voor terug. Je krijgt iets en je geeft iets (terug). Dat kun je kunt van elkaar verlangen.
2. Ihsaan: goed doen zonder iets terug te verlangen. Dit is de rechtvaardigheid van Allah, maar de mens is ertoe in staat.
3. Itaa’i zil koerba, het geven als aan verwanten. Dit wordt vergeleken met de moederliefde: onvoorwaardelijk. Het is een hoogstaand beginsel en voor velen onbereikbaar, zoals de andere wang toekeren: goed doen als vanzelfsprekendheid, zoals een moeder goed is voor haar kind. De moederliefde zonder voorwaarden. Dat kun je niet zomaar, je kunt het niet eisen van elkaar.
Medeverantwoordelijkheid hebben voor het milieu waarin je woont heeft te maken met begrippen als burgerschap en medeburgerschap. Wat wij, moslims en niet-moslims, gemeenschappelijk hebben is de met grote letters aangeduide Gulden Regel: “Wat u wilt dat mensen u doen, doet u hen desgelijks” en de uitspraak van de profeet Mohammed: “Niemand van u gelooft werkelijk totdat hij voor zijn broeder wenst wat hij voor zichzelf wenst.” Net als bij de andere geopenbaarde religies is er dan steeds de vraag ‘wie is mijn broeder?’ Is dat alleen mijn geloofsbroeder? Al in de 9e eeuw werd door moslimgeleerden geantwoord dat onder het begrip broeder ook de buren en alle mensen in nood vallen. Dit paste in het kader van het koranvers waarin wordt gezegd dat het credo voor elke moslim is: Ik geloof in elk boek dat God heeft geopenbaard en het is mij geboden ten opzichte van eenieder rechtvaardig te handelen (42:14). Belangrijker dan het lidmaatschap van de juiste club is de opdracht tot juist handelen. “Dit is een volk dat is heengegaan: voor hen is wat zij verdienen en voor u is hetgeen u verdient, en u zult niet verantwoordelijk worden gesteld voor hetgeen zij plachten te doen.” (2:134) De koran noemt het bevrijden van een slaaf, het voeden van een hongerige, een wees en een arme die met zijn mond in het stof ligt, het beklimmen van een steile helling (90:11-17). In die woorden wordt geen onderscheid tussen moslims en niet-moslims gemaakt. Samenwerken aan de verbetering van het milieu en duurzaamheid is voor moslims een kans en een uitdaging.
0 reacties